Opgravingscertificaat
Een opgravingscertificaat geeft een organisatie toestemming om archeologische opgravingen uit te voeren in Nederland. Op grond van de Erfgoedwet mogen alleen gecertificeerde organisaties archeologisch veldwerk uitvoeren, waaronder proefsleuvenonderzoek, volledige opgravingen en archeologische begeleiding bij bouwprojecten. Het certificaat wordt afgegeven door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE).
Om het certificaat te verkrijgen moet een organisatie aantonen dat zij gekwalificeerde archeologen in dienst heeft, de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA) volgt en beschikt over goede procedures voor documentatie, vondstverwerking en rapportage. Het certificaat is iets anders dan een gemeentelijke opgraafvergunning, die een apart proces betreft voor het opgraven van stoffelijke resten van begraafplaatsen voor herbegraving of crematie.
Vereisten
- Opgraving overledene: Toestemming van nabestaanden en geldige reden voor opgraving zijn vereist.
- Archeologische opgraving: Een opgravingscertificaat van de RCE is verplicht voor archeologisch onderzoek.
- Wettelijke grondslag: Artikel 5.1 Erfgoedwet (voor archeologische opgravingen).
- Deskundigheid: De uitvoerder moet voldoen aan de kwaliteitseisen van de RCE.
Procedure
- Opgraving overledene: Dien een aanvraag in bij de gemeente met motivering en toestemming van nabestaanden.
- Archeologisch certificaat: Vraag een opgravingscertificaat aan bij de RCE door aan te tonen dat u voldoet aan de kwaliteitseisen.
- Beoordeling: De gemeente (voor opgraving overledene) of RCE (voor archeologisch certificaat) beoordeelt de aanvraag.
- Afgifte: Bij goedkeuring ontvangt u de toestemming of het certificaat.